Marinehistorie
De vesting Hellevoetsluis is in het begin van de 17e eeuw aangelegd om de oorlogs- en handelshaven te versterken. Hellevoetsluis was de marinebasis van de Admiraliteit van de Maze. De vesting was in die tijd belangrijk als haven en tot in de 19e eeuw bleef deze positie gehandhaafd. Hierna zette het verval in, wat nog versterkt werd toen in de jaren dertig de marinehaven naar Den Helder werd verplaatst. Tijdens de jaren dat Hellevoetsluis marinehaven was, is hier ook de zilvervloot aan wal gebracht. Aan deze tijd herinneren nog gebouwen als het Tromphuys, affuitenloods, het kruythuys en het Ruyterhuys, vernoemd naar Michiel de Ruyter.
In WO II is een groot deel van de vesting door de Duitsers gesloopt, dit om een beter schootsveld te krijgen ter bescherming van de U-boten. Tot de jaren ‘60 bleef de marine alleen nog actief met haar mijnenvegersdienst. Hierna beleefde de lokale economie een terugval, tot Hellevoetsluis in de jaren ’70 groeikern werd. Sindsdien is de gemeente bezig met het opknappen van de vesting, met als laatste toevoeging de moderne nieuwbouw aan de westkant van het Groote Dock. Het stenen droogdok,waarvan de bouw in 1798 startte, is uniek in zijn soort en werd door Jan Blancken ontworpen. Het dok is tot begin jaren ‘70 gebruikt voor nieuwbouw en onderhoud van o.a. mijnenvegers. Hierna viel het dok in verval, maar sinds het begin van deze eeuw is het dok in volle glorie hersteld en te bezichtigen.
